Ga door naar hoofdinhoud
 
Organisatie
1
Opsporen
2
Screenen
 
Evaluatie

Screenen

Bij ouderen met een hoog valrisico wordt een valrisicobeoordeling uitgevoerd. Bij een valrisicobeoordeling worden de aanwezige valrisicofactoren in kaart gebracht, gevolgd door valpreventie adviezen op maat.

Hoe wordt gescreend?

Er zijn diverse manieren om een valrisicobeoordeling uit te voeren. Het is hierbij belangrijk om te voldoen aan de huidige richtlijnen. De Nederlandse richtlijn noemt een aantal instrumenten die kunnen ondersteunen bij het uitvoeren van een valrisicobeoordeling, zoals het CGA en de Valanalyse. In het AmsterdamUMC is gebruik gemaakt van InterRai. Voor meer informatie hiervoor verwijzen we naar de webpagina screening van de Ketenaanpak Valpreventie. De valrisicobeoordeling zal doorgaans buiten de SEH plaatsvinden. 

Naar wie kan je verwijzen voor een valrisicobeoordeling?

Afhankelijk van de lokale afspraken en context kun je voor een valrisicobeoordeling doorverwijzen naar verschillende professionals:

  • Fysiotherapeut / ergotherapeut: kan (delen van) de valrisicobeoordeling uitvoeren onder verantwoordelijkheid van een huisarts of specialist. 
  • Huisarts/POH: voert zelfstandig de valrisicobeoordeling uit en kan indien nodig verwijzen naar andere specialisten. De huisarts kan eventueel delen laten uitvoeren door een andere zorgprofessionals.
  • Valpolikliniek: valrisicobeoordeling wordt uitgevoerd door een multidisciplinair team van o.a. een internist ouderengeneeskunde/klinisch geriater, verpleegkundige en fysiotherapeut en ergotherapeut. De valpolikliniek is bedoeld voor ouderen met een medische indicatie. Meer hierover lees je in het Handboek Valklinieken.
  • Internist ouderengeneeskunde/klinische geriater: kan een valrisicobeoordeling bij complexe oudere patiënten met meerdere onderliggende aandoeningen uitvoeren en de zorg in samenwerking met andere disciplines coördineren. 

Voor meer informatie over de valrisicobeoordeling verwijzen we naar de stap screenen in de ketenaanpak valpreventie.

Hoe verder?

Op basis van de valrisicobeoordeling wordt een advies op maat gemaakt inclusief doorverwijzing naar valpreventieve interventies. Hierin worden de wensen en voorkeuren van de oudere meegenomen. Nadat een valrisicobeoordeling is uitgevoerd in de 2e of 1e lijn, is doorgeleiding van ouderen naar de lokale of regionale ketenaanpak valpreventie voor de volgende stappen: interventies en uiteindelijk structureel sport- en beweegaanbod. 

Valpreventieve interventies zijn gericht op het verminderen van risicofactoren voor vallen. Voor ouderen met een hoog valrisico bestaat een effectieve valpreventie-aanpak altijd uit een valpreventieve beweeginterventie aangevuld met interventies die aansluiten op de valrisicofactoren die zijn geïdentificeerd tijdens de valrisicobeoordeling, zoals: een medicatiescreening door een apotheker of behandelend arts, controle op visusproblemen door opticien, behandeling van voetproblemen of vitamine-D suppletie. Lees hier meer informatie over interventies.

Om de verbeteringen in balans, functioneren en spierkracht vast te houden is het van belang door te gaan met beweegoefeningen na afloop van de valpreventieve beweeginterventie. Lees hier meer informatie over structureel beweegaanbod.

Het is belangrijk om 2-3 maanden na de valrisicobeoordeling een evaluatiegesprek uit te voeren met de patiënt. In dit gesprek wordt besproken of er gebruik is gemaakt van de zorg, wat eventuele belemmeringen zijn en hoe deze zijn op te lossen. 

Bekijk de stappen van de Ketenaanpak

Terug naar het overzicht

Meld je aan voor onze e-mail updates om op de hoogte te blijven.